probleemstelling
Net
als bijna al zijn collega's kan Kox het niet meer volgen. Zijn postvak
zit steeds voller met papieren, die hij niet begrijpt. De basisvorming
was al eng, maar de tweede fase is nog veel erger.
Kox ontmoet zijn leerlingen in de hogere leerjaren drie maal per week.
Hij is dan blij hen te zien en wil graag aan de slag. Zijn leerlingen
hebben daar echter geen tijd voor en zin in. Als hij aandringt, roepen
zij, dat het een zelfstudie-uur is, en dat hij hen niet moet trachten
te verhinderen te leren leren leren.
Wanneer Kox een proefwerk wil afspreken, halen de leerlingen allerlei
paperassen tevoorschijn: pta's, studiewijzers, proefwerkroosters,
examenreglementen, noem maar op... Dan blijkt, dat Kox de vorige les
de mogelijkheid had een toets af te nemen, en dat hem de volgende
gelegenheid na de Kerst zal worden geboden. Onthutst bedankt hij de
leerlingen voor hun coöperatief gedrag.
In de onderbouw is het allemaal nog wat eenvoudiger, gelukkig. Het
voornaamste probleem waar Kox daar tegenaan loopt: terwijl de proefwerken
steeds gemakkelijker worden, halen de leerlingen steeds lagere cijfers.
Kox leest ijverig de krant, dagelijks. Af en toe leest hij boeiende
dingen over het onderwijs. De minister probeert de status van het
leraarschap te verhogen door mensen die in het bedrijfsleven zijn
mislukt naar het onderwijs te lokken. De staatssecretaresse verkleint
de groepsgrootte, zodat er nog meer onvervulbare vacatures komen,
om te bereiken dat de ouders van de kinderen die naar huis worden
gestuurd omdat er geen onderwijzer is druk uitoefenen op de werkloze
academici in hun kennissenkring om voor de klas te gaan staan. De
Algemene Bond van Onderwijs Paria's ABOP stimuleert, delegeert en
decentraliseert dat het een lieve lust is, sluit CAO's af of het niets
kost, denkt mee over belangrijke zaken als salarisdifferentiatie,
prestatiebeloning, strafkortingen voor pedoseksuelen, registers van
bekwame docenten zodat de politie hen snel kan vinden, nog meer korting
bij de Hema en het importeren van bevoegde neerlandici uit Oezbekistan.
Ten einde raad vroeg Kox zijn collega drs. X (de mens wil anoniem
blijven) hoe die er in slaagt altijd met een opgeruimd humeur en lokaal
het beleid uit Den Haag te implementeren.
het
orakel x spreekt
1.
Lees en bewaar alleen papieren, die over bepaalde klassen en individuele
leerlingen gaan. Gooi alles van meer algemene aard weg en LEES HET
NIET!!
(Dat scheelt al veel hoofdbrekens)
2. Negeer alle artikelen in kranten en tijdschriften over onderwijs
en LEES ZE NIET!! (Ook dit bespaart veel ellende)
3. Als een conrector, coördinator, middenmanager, afdelingshoofd of
hoe ze ook mogen heten je vraagt, waarom je dit-en-dat stuk nog niet
hebt ingeleverd, antwoord dan:
a. ik heb het drie weken geleden al ingeleverd ...
b. je moet mijn collega Y hebben ...
c. het komt, het komt ... er is toch geen haast bij?
d. goed dat ik je zie, ik ben de papieren kwijt, ik denk dat de hond
ze heeft opgegeten ...
e. je kent mijn standpunt, ik wil eerst een fundamentele discussie,
daarna zien we wel weer ...
In de meeste gevallen hoor je nooit meer iets. Als het echt belangrijk
was, komen ze nog een paar keer bij je zeuren, maar tegen die tijd
heb je wel enig idee waar het over gaat.
4. Betoon je in het openbaar, bij vergaderingen e.d., een warm voorstander
van onderwijsvernieuwingen, maar VERANDER NIETS AAN JE LESSEN !! (Deze
regel is 90 % van de collega's al bekend, maar mag hier omwille van
de volledigheid niet worden weggelaten)
5. Zeg in het openbaar, op verjaardagen en zo: de werkdruk is ongelooflijk,
het wordt steeds zwaarder, ik weet niet hoe ik het volhoud... Zeg
tegen jezelf, drie maal daags: het gaat lekker vandaag; wat een makkie,
eigenlijk; leuke klas, 3a; ha, vandaag vallen de lessen in de brugklas
uit, kennismakingsdag; morgen vergadering, mooi, dan kan ik nakijken;
prima proefwerk, dit, geef ik al 15 jaar; wat, over een week al weer
vakantie? Wat ben ik toch een boffer ... (methode- Coué: positieve
zelfbevestiging)
6. Bezoek zo veel mogelijk studiedagen en seminars e.d. in werktijd
(uiteraard) en vertrek na de koffie.
7. Concentreer je op je lessen en je leerlingen. Daar gaat het om.
Dat is je werk. De rest is ijdelheid.
8. Lever je cijfers op tijd in, zorg dat er geen fouten in zitten,
geef niet meer dan vier leerlingen een onvoldoende, geef voor activiteiten
in het handelingsdeel altijd iedereen een voldoende, bedenk nooit
zelf praktische opdrachten, zeg tegen parallelklassen dat ze verschillende
toetsen krijgen en geef ze dezelfde, geef ouders altijd gelijk, maar
suggereer tegelijk dat hun kind wel erg op zijn tenen loopt, tracteer
royaal wanneer je verjaart, geef rondjes op borrels die de school
betaalt, zorg dat je goede maatjes bent met de conciërges, praat met
stafleden alleen over het weer, wees snel met je correctie, doe af
en toe net alsof je de leerlingen een half punt cadeau doet, trek
een vrolijk gezicht en maak grapjes, en je zult fluitend de pensioengerechtigde
leeftijd behalen. En misschien wil je dan nog wel doorgaan tot je
zeventigste ...
|
directie

Dat
is natuurlijk andere koek. Kox vraagt zich regelmatig af : Zijn ze
incompetent, of kunnen ze gewoon niet beter?
Zelfs met dingen die iedereen kan, zoals een rooster maken of een
vergadering voorzitten, hebben zij moeite. Leerlingen komen van gesprekken
met hen na verwijderingen alleen maar onhandelbaarder terug. Ouders
die bellen om te vragen waarom Kox nog niet is ontslagen worden beleefd
te woord gestaan. Wanneer Kox prima lessen geeft, hoort hij niets;
wanneer Kox beroerde lessen geeft, hoort hij niets; wanneer Kox zijn
leerlingen één minuut te vroeg het lokaal uit laat, wordt hij op het
matje geroepen. Wanneer Kox' leerlingen allemaal slagen, hoort hij
niets; wanneer vijftig procent zakt, hoort hij niets; wanneer hij
tweehonderd kopietjes te veel maakt, moet hij bij de directeur komen.
De trend is : schuif al het werk af naar middenmanagers; de directie
is er voor het beleid, op de korte, middellange en lange termijn.
Middenmanagers zijn sukkels, die voor veel te weinig uren veel te
veel taken uitvoeren in de hoop later ook beleid te mogen maken. Zieltjes
zijn het.
Beleid ontwikkelen, dat is natuurlijk een prachtbaan, als je van vergaderen
houdt en graag dikke pakken papier voltikt. De goden bewaren ons voor
een directie, die het beleid ook nog eens wil uitvoeren !
Tips
om te overleven :
1. Als ze vragen, hoe het met je gaat, zeg je : goed. Of : slecht.
Praat verder alleen over het weer met ze.
2. Geef ze altijd gelijk. Als je ze ongelijk geeft, duurt alles alleen
maar langer.
3. Wees altijd vriendelijk. Zeg lachend : Daar heb ik gelukkig geen
verstand van.
4. Als je leerlingen verwijdert, zeg er dan niet bij, dat ze zich
moeten melden bij die-of-die. Dat scheelt een hoop tijd, voor de leerling
én voor jou.
5. Doe zaken die je echt belangrijk vindt schriftelijk af. Maak kopieën.
Houd vol. Reageer niet op blunders en beledigingen.
6. Solliciteer nooit naar een staffunctie. Word geen middenmanager.
Geef les! Als wij dat nu samen afspreken, is het paradijs binnen handbereik.
|
collega's

Over
collega's valt heel wat te zeggen, maar dat zal Kox hier niet doen.
Collega's komen tenslotte in de beste families voor. Sommige van Kox'
beste vrienden zijn collega's. Sterker nog, Kox is zelf ook een collega.
Welke grapjas heeft trouwens dat bordje "Afdeling Geriatrie"
op de deur van de lerarenkamer gehangen? Is dat nou collegialiteit?
Met collega's is het als met Islamieten : er zitten hele goede tussen.
De beste collega's zijn gepensioneerd, of dood.
Collega's die geen orde kunnen houden zijn heel populair bij hun collega's.
Als het dáár een keet is, houden zij zich bij mij koest, is de gedachte.
Kox' nieuwe collegaatje heeft hij zelf nog in de klas gehad. De tijd
vliegt, Kox wordt oud. 't Was trouwens een eersteklas oen. Anders
ga je het onderwijs toch ook niet in?
"Waarde collegae's" is de beste manier om een speech te
beginnen.
Laatst heeft Kox een nieuwe collega nog weggejaagd uit de personeelskamer.
"Weg jij, het is pauze, geen toegang voor leerlingen." "Maar,
maar, ..." Ëruit, hoor je me niet?" "Maar ik geef hier
Frans." "Ja, dat heb ik al zo vaak gehoord ..."
Vroeger, toen had je pas rare collega's ...
Weet je nog A.B.? Die was altijd dronken.
En C.D. klom langs de regenpijp uit het raam.
E.F., die was gek. Die keek na op de fiets.
G.H. gooide de proefwerken van de trap. Het blaadje dat boven lag
kreeg een 10, het onderste vel een 1. Goed systeem, eigenlijk.
I.J. ging naar bed met meisjes uit zijn examenklas, waarschijnlijk
omdat hij homoseksueel was.
K.L. is eens in slaap gevallen tijdens een algemene vergadering, en
boem! lag opeens naast zijn stoel op de grond. Toen werd hij weer
wakker. Jammer.
M.N. kon geweldig gitaar spelen, tot hij die vinger verloor door die
proefwerkkast.
O.P. deed het met Q.R. én met S.T. Toen is ze conrectrix geworden,
en deed ze het met iedereen.
Van U.V. is na die ontploffing niks meer teruggevonden. Een briljant
chemicus, natuurlijk, maar met mensen omgaan, nee ...
W.X. is de politiek ingegaan en draagt nu een stropdas.
Y.Z.? Y.Z.? Nee, die herinner ik me niet meer. Heeft die 23 jaar in
het lokaal naast het mijne gezeten? Zo'n blonde, toch... Rood? Nee,
zegt me niks.
|
leerlingen
Je
zult Kox nooit horen zeggen, dat de kinderen tegenwoordig minder slim,
ijverig, beleefd, energiek, positief, eerlijk, vrolijk, welopgevoed
en aardig zijn. Hij zal hooguit zeggen, dat zij dommer, luier, onbeschofter,
slapper, negatiever, valser, somberder, onwellevender en vervelender
dan vroeger zijn. Maar dan heeft hij een zwarte dag.
Normaliter is Kox tevreden, zelfs blij met de jeugd van tegenwoordig.
Kinderen zijn tegenwoordig wél anders. Dat komt waarschijnlijk, omdat
hun ouders gescheiden zijn, een alcoholprobleem hebben, werkeloos
zijn, te veel geld verdienen, altijd weg zijn, hun kinderen seksueel
misbruiken, hen slaan, hen verwaarlozen, hen te veel zakgeld geven,
hen te veel aandacht geven, hen vertroetelen, hen geen verantwoordelijkheid
geven, hen alles zelf uit laten zoeken, hen te veel helpen bij het
huiswerk, hen te veel of te weinig liefde geven.
De jeugd heeft het niet gemakkelijk. Behalve van hun ouders hebben
de kinderen ook te lijden van de televisie, zinloos geweld. milieuverontreiniging,
vastlopend verkeer, de tweedeling van de samenleving, seksuele frustratie,
té hoge verwachtingen, een negatief zelfbeeld, slechte muziek, fast
food, xtc en paddo's, gebrek aan hangplekken, te veel huiswerk, slechte
balpennen, de basisvorming, de tweede fase, de vernietiging van het
onderwijs en de teloorgang van Nederland, Europa en de rest van de
wereld.
Het is een wonder, dat de kinderen er zo opgewekt onder blijven. Kox
denkt, dat zij alles niet zo serieus nemen als het jeugdjournaal doet.
Kox hoopt dat ook wel. Toen Kox jong was, wist hij helemaal van niks.
Dat beviel uitstekend. Kox had toen een hoge dunk van zichzelf. Nu
hij meer weet, voelt hij zich een stuk minder.
Kinderen
moeten van het leven genieten en lol maken, maar niet bij Kox in de
les.
Grootste fout die een docent kan maken : leerlingen niet als mensen
te beschouwen.
Op één na grootste fout : dat wel te doen.
|