|
LXVII.
Participium
coniunctum
Gebruik van de coniunctivus (herhaling)
Leesles
A. Participium
coniunctum = 'verbonden' participium
In de lessen 29, 30 en 63
is het participium aan de orde geweest. Daar is het
behandeld als een bijvoeglijke bepaling:
milites ridentes : lachende soldaten -,
net als adiectiva bijvoeglijk worden gebruikt:
aedificia alta : hoge
gebouwen.
Zowel ridentes als alta is attributief gebruikt,
bij resp. milites en aedificia.
Het participium wordt ook
vaak predicatief gebruikt; men spreekt ook wel van
dubbel verbonden bepalingen. Bijvoeglijke naamwoorden
worden eveneens veelvuldig predicatief gebruikt.
Voorbeelden:
1.
Servi miseri vivunt : De slaven leven
ongelukkig.
miseri congrueert met servi, beide nom. meervoud
mannelijk.
miseri vormt een
bijwoordelijke bepaling bij vivunt:
de slaven leven op een ongelukkige wijze.
miseri is dus verbonden met
zowel servi als vivunt: vandaar de term dubbel
verbonden bepaling.
2.
Milites ridentes tabernam intrant : De soldaten
stappen lachend de kroeg in.
ridentes congrueert met milites.
ridentes vormt een
bijwoordelijke bepaling bij intrant.
ridentes is dus een dubbel
verbonden bepaling, m.a.w. wordt predicatief gebruikt.
3.
Milites fugientes a centurione vituperantur.
De vluchtende soldaten
worden door de honderdman berispt / uitgescholden
(attrib.)
Omdat zij vluchten , worden de soldaten door de
honderdman berispt (predicat.)
Terwijl zij vluchten, etc (predicat.)
4.
Milites fugientes a centurione non vituperantur.
De vluchtende soldaten
worden door de honderdman niet uitgescholden (atrrib.)
Ook al vluchten zij, de soldaten worden niet
uitgescholden (predicat.)
De voorbeelden 3. en 4.
laten zien, dat predicatief gebruikte participia in het
Nederlands heel goed met bijzinnen kunnen worden
vertaald. Welk voegwoord je kiest hangt dan af van je
interpretatie van de zin. In het algemeen geldt, dat je
bij het vertalen kiest óf voor een attributieve
óf voor een predicatieve interpretatie en
vertaling, op grond van de kontekst.
Leer eerst de volgende
woorden en stamtijden:
aboleo - abolevi -
abolitum - abolêre : afschaffen
arbor, -oris : boom
gremium : schoot
iubeo - iussi - iussum - iubêre : bevelen
latrare : blaffen
mordêre : bijten
se recípere : zich terugtrekken
refícere : herstellen
rideo - risi - risum - ridêre : lachen
valêre : van kracht zijn, gelden; gezond zijn
Onthoud de woorden door
associatie:
abolêre >
abolish (en)
arbor > arbre (fa)
gremium > ?
iubere > ?
latrare > ?
mordêre > mordre (fa)
se recípere > receptie
refícere > re- en fácere >
refectorium
ridêre > rire (fa); ridiculous (en); ridicuul
(ne)
valêre > valoir (fa); valuta
Oefening
1 :
Vertaal de volgende zinnen twee keer: interpreteer
het ptc eerst attributief en dan predicatief.
Voorbeeld:
Arbores florentes non caeduntur.
attrib.: De bloeiende bomen worden niet omgehakt.
predic.: Als / wanneer / omdat zij bloeien, worden de
bomen niet omgehakt.
1. Canes latrantes non mordent.
Canes latrantes non
mordent.
2. Magister pueros ridentes
punit.
Magister pueros ridentes
punit.
3. Cur senatus leges iam abolitas denuo
valere iussit?
Cur senatus leges iam
abolitas denuo valere iussit?
4. Aedificia
urbis procella deletae reficientur.
Aedificia urbis procella deletae
reficientur.
5. Dux
militibus moenia superaturis se
recipere imperaverat.
Dux militibus moenia superaturis se
recipere imperaverat.
6. Mater puellam territam in
gremio tenuit.
Mater puellam territam
in gremio tenuit.
7. Clamor
hostium urbi
appropinquantium ingens erat.
Clamor hostium urbi appropinquantium
ingens erat.
8. Puer iam
clamaturus tamen tacuit.
Puer iam clamaturus tamen
tacuit.
Kijk na met de muis. Of
KLIK HIER.
Leer nu de volgende
woorden en stamtijden:
defleo - deflevi -
defletum - deflêre : bewenen
devorare : verslinden
imminêre : dreigen
pendeo - pependi - pensum - pendêre : hangen
retinêre : terughouden
sacrum : offer
Onthoud door associatie:
deflere > ?
devorare > devour (en); devorer (fa)
imminêre > imminent (en)
pendêre > pendule
retinêre > re- en tenêre
sacrum > sacred (en); sacristie
Oefening
2 :
Vertaal de volgende zinnen:
1. Hostes proelio superati statim ad Caesarem legatos de
pace miserunt.
2. Fama est
pedites per
silvas errantes a
feris devoratos esse.
3. Custodes loco cesserunt hostem iam
appropinquare nuntiaturi.
4. Galli urbem captam incendere
constituerunt.
5. Segesta est oppidum vetus in
Sicilia, quod
ab Aenea fugiente a Troia atque in
haec loca veniente conditum est.
6. Cadmus sacra Iovi facturus
ministros aquam petere iussit.
7. Timentes,
ne interficerentur, ex
urbe fugerant.
8. Romam
veniebant legati auxilium ad bellum imminens
oraturi.
9. Filius
patri bene
monenti oboedierat.
10. Memoriam huius regis diu
defleti numquam deponemus.
11. Milites castra moturi a duce retenti sunt.
12. Dominus
servos mala ex arboribus pendentia
carpere iusserat.
Kijk na met de muis.Of
KLIK HIER.
B. Gebruik van de
coniunctivus
Korte samenvatting van
het gebruik van de coniunctivus:
In de hoofdzin:
1. wens : vivat regina!
2. aansporing : vincamus!
3. verbod : ne dormiatis!
4. irrealis : si potuissem,
venissem.
In de bijzin:
1. na ut / ne : finaal =
doel : mitto servum ut cibum
emat.
2. na ut / ut non : consecutief = gevolg : tam stupidus est, ut non intellegat.
3. bij werkwoorden van vrezen: ne : dat; ne non : dat
niet : timeo, ne sero sim.
4. indirecte vraag : nescio, ubi
sim.
5. na het voegwoord cum: toen, nadat / omdat / hoewel :
cum salutavissem, pergebam.
Download een overzicht van het gebruik van
de coniunctivus! Dit overzicht deelt een collega van
Kox altijd uit in de vierde klas. Het is een vrij
compleet overzicht - er staan een paar coniunctivi op,
die je nog niet kent; anderzijds staat de coniunctivus
van de indirecte vraag er niet bij: die moet je er
zelf nog maar even bij tikken. Download nu.
(Klik rechts en kies Doel opslaan als, etc)
Kijk ook de lessen 44,
45, 48, 49, 52, 53, 57 en 58 nog eens door.
Herhaling is immers de basis van parate kennis!
Leer nu de volgende
woorden:
aequum est : het is
billijk
anima : adem
Atheniensis, -is : Athener
Cicero, -onis : Cicero
commíttere : toevertrouwen
conciliare : bezorgen, winnen
detrimentum : schade
devovêre se : zich ten dode wijden
dignus + abl.: waard(ig)
dei inferi : goden van de onderwereld
efflare : uitblazen
ergo : dus, derhalve
gena : wang
iam : al, reeds; (=> toekomst) al gauw
indícere : aanzeggen
intellégere : begrijpen
licet + dat.: het staat vrij
liquêre : gesmolten zijn
nasus : neus
pallêre : bleek zijn
pratum : weide
res publica : staat, republiek
rubêre : rood zijn
suadeo - suasi - suasum - suadêre : aanraden (+
dat.)
tumêre : gezwollen zijn
vidêre ne : erop toezien, dat niet
virêre : groen zijn
Onthoud door associatie:
aequum est > ?
anima > re-animatie
commíttere > commit (en)
conciliare > reconciliation (en)
detrimentum > ?
devovêre > ?
dignus > dignity (en)
dei inferi > inferieur
efflare > e(x)- en flare
ergo > ergo conclusio (Kees van Kooten)
gena > ?
iam > ?
indícere > in- en dicere
intellégere > intelligentie
licet > ?
liquêre > liquide
nasus > nasaal; neus
pallêre > pale (en)
pratum > ?
res publica > republiek
rubêre > ?
suadêre > persuade (en)
tumêre > tumor
vidêre > video, visie
virêre > ?
Oefening
3 :
Vertaal de volgende zinnen, en verklaar het gebruik
van de coniunctivus:
1. Utinam hi pueri
magistro suo prudenti pareant!
2. Post Caesaris mortem Cicero
senatui suaserat, ut Antonio bellum indiceretur.
3. Facile intellegitur, cur
Ciceronis ab ore totus
senatus penderet.
4. Nix
tam alta erat, ut plurimi discipuli
sero in scholam venerint.
5. Hanc puellam ne vexaveris:
nunc eius oculi
tument, nasus rubet, genae pallent.
6. Utinam sole calido
nix iam liqueat, prata
vireant, arbores
floreant!
7. Cum magnum hoc opus esset,
maius praemium eum
accepisse aequum est.
8. Pater animam
efflaturus
liberos suos monebat, ut
semper ultima sua verba memoria tenerent.
9. Rogamus, quare
hic vir optimus Roma sit
amotus.
10. Codrus,
rex Athenarum, pro patria deis
inferis se devovet, ut
morte sua Atheniensibus victoriam libertatemque
conciliet.
11. Cum hostes appropinquarent,
portae non statim clausae
sunt.
12. Tibi suadere mihi liceat,
ne huic
viro pessimo pecuniam tuam committas; fide tua non dignus est.
Caveas
ergo!
13. Nescimus, cur has leges diu iam abolitas
denuo valere senatus iusserit.
14. Cum in magno periculo res
publica esset, senatus consules videre
iussit, ne quid res
publica detrimenti caperet.
[Met deze officiële formulering werd in de
Romeinse republiek de noodtoestand uitgeroepen.]
15. Tanta civium multitudo erat,
ut multi
verba oratoris audire non possent.
Kijk na met de muis.Of
KLIK HIER.
Leesles
...
|